Knikkerbaan

Wat ga je doen?

Bij dit project ga je een knikkerbaan bouwen.
Je moet ervoor zorgen dat de knikkerbaan blijft staan, en er zijn nog een paar extra eisen.

Namelijk de volgende:
– Maak de knikkerbaan zo hoog mogelijk.
– Zorg dat de knikker zo lang mogelijk in de baan blijft.
– De knikkerbaan mag niet meer dan 100 gram wegen.

Voorbeeld

Materialen die je mag gebruiken

De volgende materialen mag je gebruiken:

– Rietjes van plastic
– Papier
– Lijm uit lijmpistool
– Plakband

Je mag van al deze materialen zoveel gebruiken als je wilt, zolang je maar onder een totaal gewicht van 100 gram blijft.

Hoe wordt je beoordeeld

De beoordeling werkt als een wedstrijd.
Je kan punten scoren op de volgende onderdelen:

– Hoogte van de knikkerbaan.
– Hoelang de knikker in de knikkerbaan blijft.
– Hoe stevig de constructie is.
– Het gewicht mag niet meer dan 100 gram zijn.
– Hoe goed je inzet en gedrag was.

Alle knikkerbanen worden in een wedstrijd manier beoordeeld. Je totale score bij elkaar bepaald je cijfer.
Hoe de punten gaan per onderdeel staat hiernaast.

Let op, je kan ook nog wat bonus punten krijgen door goede inzet, extra werk en exceptioneel resultaat.

Hoe hoger je knikkerbaan is, hoe beter je knikkerbaan.
Dit wordt gemeten van af het oppervlak waar je knikkerbaan staat, tot het hoogste punt waar de knikker in de knikkerbaan gedaan wordt.

Scoren gaat op de volgende manier:
Alle knikkerbanen zitten in wedstrijd met elkaar. Er worden punten uitgedeeld op een schaal van 5 tot 9.
De hoogste knikkerbaan krijgt 9 punten en de laagste knikkerbaan krijgt een score van 5.

Een score van 4 en 10 kan worden gegeven door je docent als je knikkerbaan exceptioneel zwak of goed is op dit onderdeel.

Hoe langer een knikker in de knikkerbaan blijft, hoe beter de knikkerbaan.
Dit onderdeel wordt gemeten met een stopwatch.
De tijd hoelang de knikker in de knikkerbaan zit, is de tijd van het moment dat de knikker losgelaten wordt, tot het moment dat de knikker uit de knikkerbaan komt.

Scoren gaat op de volgende manier:
Alle knikkerbanen zitten in wedstrijd met elkaar. Er worden punten uitgedeeld op een schaal van 5 tot 9.
De knikkerbaan met de meeste tijd krijgt een score van 9. De knikkerbaan met de kortste tijd krijgt een score van 5.

Een score van 4 en 10 kan worden gegeven door je docent als je knikkerbaan exceptioneel zwak of goed is op dit onderdeel.

Je knikkerbaan moet stevig zijn. Hoe steviger je knikkerbaan, hoe beter je knikkerbaan is.
Dit onderdeel wordt gemeten op verschillende manieren.
– Of je knikkerbaan blijft staan.
– Hoe stevig de verbindingspunten eruit zien.
– Hoe de constructie eruit ziet. (Voorbeeld kreeg hier bv 10 punten)

Scoren gaat op de volgende manier:
Alle knikkerbanen zitten in wedstrijd met elkaar. Er worden punten uitgedeeld op een schaal van 5 tot 9.
De knikkerbaan met de beste constructie en stevigheid krijgt een score van 9. De knikkerbaan met de zwakste constructie en stevigheid krijgt een score van 5.

Een score van 4 en 10 kan worden gegeven door je docent als je knikkerbaan exceptioneel zwak of goed is op dit onderdeel.

Tijdens de les wordt ook gekeken naar je inzet en gedrag. Hoe beter je inzet en gedrag, hoe hoger je score voor dit onderdeel.
Je inzet wordt bepaald met hoe goed je probeert je knikkerbaan te verbeteren.
Je gedrag is hoe goed je spullen opruimt, en hoe netjes je jezelf gedraagt tijdens de les. (Bijvoorbeeld, blijven zitten in plaats van rennen door het lokaal.)

Scoren gaat op de volgende manier:
Alle knikkerbanen zitten in wedstrijd met elkaar. Er worden punten uitgedeeld op een schaal van 5 tot 9.
Het groepje met de beste inzet en gedrag krijgt hier eens score van 9. Het groepje met de zwakste inzet krijgt hier een score van 5.

Een score van 4 en 10 kan worden gegeven door je docent als je knikkerbaan exceptioneel zwak of goed is op dit onderdeel.

De docent houd het recht om op het laatste moment buiten de 4 punten die hierboven staan, nog wat extra punten toe te kennen aan de groepjes.
Ook behoud je docent het recht om punten af te trekken aan het einde.
De redenen voor deze dingen kunnen heel verschillend zijn. Voorbeelden zijn:

– Een knikkerbaan is geweldig op iets dat niet te beoordelen is op de 4 punten die hierboven staan.
– Er is ruzie geweest in een groepje, en het groepje is opgesplitst.
– Een groot deel van een groepje heeft een deel van de lessen geskipt, of is een lange tijd ziek geweest.
– Dingen die van te voren niet kunnen worden voorzien, maar wel invloed hebben op het eindresultaat.

Score van Bonuspunten gaat als volgt:
– Plus punten; 0,5 tot 5 bovenop wat je in totaal hebt gescoord bij de eerste 4 punten.
– Min punten; 0,5 tot 5 afgetrokken van het totaal aantal punten dat je hebt gescoord bij de eerste 4 punten.

Je eindcijfer is alle punten bij elkaar opgeteld, en dan gedeeld door 4.

Een voorbeeld:
– Hoogte: 6,5
– Tijd: 5
– Stevigheid: 8
– Inzet: 7
– Bonus: -0,5
Dat is in totaal: 26 punten.
Je cijfer zou dan een 6,3.